
Groningen kiest voor economie van ruimte, energie en kennis
De provincie Groningen heeft haar nieuwe Omgevingsvisie 2026–2050 vastgesteld. Hoewel het document vooral gaat over de fysieke leefomgeving, bevat het ook duidelijke economische keuzes. Opvallend is dat de provincie niet alleen inzet op bedrijvigheid en energie, maar ook expliciet op innovatie, kennisontwikkeling en regionale campussen.
Vijf economische motoren voor de toekomst
In de visie kiest Groningen voor vijf zogeheten XXL-bedrijventerreinen als dragers van de toekomstige economie. Eemshaven en Oosterhorn worden expliciet genoemd als locaties van nationaal belang. Daarnaast onderzoekt de provincie de verdere ontwikkeling van een gebied langs de A7/N33-corridor. Water, energie-infrastructuur, milieuruimte en bereikbaarheid worden daarbij leidend voor nieuwe economische ontwikkelingen.
Deze keuze sluit aan bij ontwikkelingen die Noord-Nederland de afgelopen jaren heeft doorgemaakt. De regio positioneert zich steeds sterker als vestigingslocatie voor energie-intensieve industrie, datacenters, circulaire bedrijvigheid en bedrijven die profiteren van de nabijheid van havens, waterstofinfrastructuur en duurzame energie.
Kennis en innovatie krijgen een ruimtelijke plek
Voor KenniswebNoord is vooral interessant dat de provincie innovatie nadrukkelijk koppelt aan ruimtelijke ontwikkeling. In de visie staat dat Groningen meerdere regionale campussen wil ontwikkelen, verspreid over de provincie, om kennis en innovatie te stimuleren.
Dat biedt perspectief voor bestaande kennisclusters zoals de Zernike Campus, Chemport Europe, Campus Groningen en initiatieven rondom gezondheid, energie en digitalisering. Door campussen nadrukkelijk onderdeel te maken van de ruimtelijke strategie ontstaat meer samenhang tussen onderwijs, onderzoek, ondernemerschap en regionale ontwikkeling.
De provincie kiest daarmee niet alleen voor fysieke ruimte voor bedrijven, maar ook voor ecosystemen waarin kennisinstellingen en ondernemers gezamenlijk kunnen innoveren.
Circulaire economie als verdienmodel
Een tweede opvallende keuze is de sterke focus op circulaire economie. Groningen reserveert op de XXL-bedrijventerreinen ruimte voor circulaire bedrijven en wil circulaire innovaties actief ondersteunen. Volgens de provincie draagt dit bij aan het toekomstige verdienvermogen van de regio, vermindert het milieudruk en verkleint het de afhankelijkheid van geïmporteerde grondstoffen.
Voor Groningen sluit dit aan bij bestaande ambities rond groene chemie, biobased materialen, recycling en circulaire maakindustrie. De omgevingsvisie laat zien dat deze thema’s niet langer alleen duurzaamheidsdoelen zijn, maar steeds meer worden gezien als economische ontwikkelstrategie.
De nieuwe Omgevingsvisie maakt daarmee duidelijk dat Groningen de komende decennia wil bouwen aan een economie waarin ruimte, energie, kennis en circulariteit elkaar versterken.
