Hanze

Hanze maakt strategisch plan bekend

January 30, 20262 min read

Met het strategisch plan 2026–2031 kiest de Hanzehogeschool Groningen voor een duidelijke koers: minder losse projecten, meer structurele samenwerking met de omgeving. Onderwijs, praktijkgericht onderzoek en regionale opgaven moeten niet naast elkaar bestaan, maar op dezelfde plek samenkomen. Niet alleen op de campus, maar juist daarbuiten, midden in bedrijven, instellingen en wijken.

Die keuze komt niet uit de lucht vallen. De regio vergrijst, studentenaantallen staan onder druk en tegelijk groeien de personeelstekorten in techniek, zorg en onderwijs. Tel daar de snelle opmars van digitalisering en AI bij op en het is duidelijk dat een klassiek, vastomlijnd onderwijsmodel niet meer volstaat. De Hanze positioneert zich daarom nadrukkelijk als kennispartner die meebeweegt met het werkveld en daar ook zelf onderdeel van is.

De innovatiewerkplaats als nieuw middelpunt

Het meest zichtbare element van die aanpak zijn de innovatiewerkplaatsen. Dat zijn vaste samenwerkingen waar studenten, docenten, onderzoekers en professionals uit de praktijk aan concrete vraagstukken werken. In 2031 moet elke bachelorstudent daar minimaal 30 studiepunten aan hebben besteed. Geen stage aan het eind, maar leren en werken vanaf het begin geïntegreerd. Elke werkplaats draagt bovendien bij aan minstens één Sustainable Development Goal, waardoor lokale vraagstukken automatisch in een bredere duurzaamheidscontext staan.

Onderwijs dat doorloopt na je diploma

Ook het onderwijs zelf wordt anders ingericht. Met het Hanze Leerconcept verschuift de nadruk naar ontwikkelingsgericht leren: flexibeler, persoonlijker en nadrukkelijk verbonden aan echte praktijkvragen. Afstuderen is geen eindpunt maar een tussenstation; professionals moeten eenvoudig kunnen terugkeren voor bij- en omscholing. Dat leven lang ontwikkelen wordt een volwaardige pijler, met een sterke groei van deeltijd- en professionalstrajecten. Digitale technologie en AI krijgen daarin een vaste plek, niet als gimmick maar als basisvaardigheid.

In het onderzoek wordt dezelfde lijn doorgetrokken. Lectoraten moeten sterker, groter en beter gefinancierd worden, met meer externe middelen en nauwere verbinding met onderwijs en praktijk. Onderzoek start niet bij een subsidieaanvraag, maar bij een concrete vraag uit de omgeving, en levert toepasbare oplossingen op die meteen weer terugvloeien het onderwijs in.

Een wendbare organisatie als randvoorwaarde

Intern betekent dit een compactere, thematisch georganiseerde en wendbare instelling. Zelforganiserende teams, duidelijke kaders en veel ruimte om over disciplinaire grenzen heen te werken moeten sneller reageren op wat buiten gebeurt. Samenwerking is daarbij geen projectvorm, maar het standaard werkmodel.

Het beeld dat hieruit ontstaat is van een hogeschool die minder naar binnen kijkt en meer functioneert als schakel in bredere netwerken. Leren, werken en innoveren raken steeds minder van elkaar gescheiden. Dat maakt de instelling niet alleen toekomstbestendiger, maar ook zichtbaarder als plek waar regionale vraagstukken daadwerkelijk worden uitgeprobeerd en opgelost.

Back to Blog

Met een gratis account ontvangt u onze nieuwsbrief

en krijgt u toegang tot het Kennisweb