SER

SER: grondstoffentransitie vraagt om een nieuwe industriële koers

May 29, 20262 min read

De Sociaal-Economische Raad (SER) roept het kabinet op om de grondstoffentransitie veel steviger te verankeren in het economische beleid. In een recente brief aan minister Heleen Herbert (Economische Zaken) en minister Stientje van Veldhoven-van der Meer (Klimaat en Groene Groei) waarschuwt de SER dat Nederland kwetsbaar blijft zolang het sterk afhankelijk is van primaire grondstoffen uit derde landen, met name kritieke metalen uit landen als China.

De boodschap van de SER raakt aan meer dan alleen circulariteit. Het gaat nadrukkelijk ook over strategische autonomie, economische weerbaarheid en toekomstig verdienvermogen. Volgens de raad zijn grondstoffen inmiddels een geopolitieke factor geworden. Zonder voldoende toegang tot materialen komen grote maatschappelijke opgaven zoals de energietransitie, woningbouw, digitalisering en defensie onder druk te staan.

Waarom juist deze bewindspersonen?

De brief is gericht aan zowel Economische Zaken als Klimaat en Groene Groei omdat de SER de grondstoffentransitie niet langer ziet als een afzonderlijk milieudossier. De raad pleit juist voor een integrale benadering waarin industriebeleid, innovatie, energiebeleid en circulariteit samenkomen. Daarbij verwijst de SER expliciet naar het belang van een coherent instrumentenpakket, Europese samenwerking en een gezamenlijke uitvoeringsstructuur binnen het kabinet.

De timing is bovendien niet toevallig. Op Europees niveau wordt gewerkt aan nieuwe wet- en regelgeving rondom kritieke grondstoffen, recycling en de Circular Economy Act. De SER ziet hierin een kans om Nederland als koploper in de circulaire economie te positioneren.

Chemport Europe als Noord-Nederlandse proeftuin

Voor Noord-Nederland is deze discussie bijzonder relevant. Veel van de elementen die de SER noemt, zijn al zichtbaar binnen het ecosysteem van Chemport Europe. Dit netwerk verbindt bedrijven, kennisinstellingen en overheden rond groene chemie, recycling, biobased materialen en circulaire productie. Het chemiecluster in Delfzijl vormt daarbij een van de belangrijkste industriële concentraties van Nederland, met directe toegang tot havens, energie-infrastructuur en bestaande chemische ketens.

De SER benadrukt dat Nederland bestaande industriële ketens moet verduurzamen én tegelijkertijd ruimte moet creëren voor nieuwe circulaire verdienmodellen. Dat sluit nauw aan bij de ontwikkeling van Chemport Europe, waar wordt gewerkt aan biobased chemie, circulaire plastics, recyclingtechnologieën en industriële symbiose tussen bedrijven.

Juist hier ligt een kans voor Noord-Nederland. Waar de SER oproept tot het versterken van strategische autonomie, beschikt de regio al over een combinatie van industrie, kennisinstellingen, logistieke infrastructuur en ruimte voor opschaling. Daarmee kan Chemport fungeren als een praktijkvoorbeeld van de grondstoffentransitie die de SER voor ogen heeft: minder afhankelijk van primaire grondstoffen, meer waarde uit reststromen en een sterkere Europese positie in circulaire chemie.

De vraag die nu voorligt is niet zozeer óf de grondstoffentransitie noodzakelijk is, maar waar deze vorm krijgt. Vanuit dat perspectief lijkt Noord-Nederland al over veel van de bouwstenen te beschikken die de SER in haar oproep aan het kabinet benoemt.

Back to Blog

Met een gratis account ontvangt u onze nieuwsbrief

en krijgt u toegang tot het Kennisweb