
Nederlandse Tech Startups lopen vast bij opschaling
Nederland telt veel technologische startups, maar relatief weinig bedrijven groeien door tot scale-up. Van de Nederlandse start-ups bereikt 21,6 procent deze volgende groeifase. Het Europese gemiddelde ligt op 24,1 procent, terwijl in de Verenigde Staten 52,2 procent doorgroeit. Dat blijkt uit nieuw onderzoek van TNO naar het Nederlandse scale-up-ecosysteem.
Opschaling duurt langer
TNO vergelijkt Nederland onder meer met de Verenigde Staten, China en Singapore. Daarbij valt ook het verschil in snelheid op. Van de Nederlandse bedrijven met een Series A-financiering bereikt 24 procent binnen 36 maanden de Series B-fase. In de Verenigde Staten en China is dit 39 procent. Europese bedrijven doen gemiddeld 5,8 jaar over de stap van Series A naar Series B, tegenover 2,3 jaar in de Verenigde Staten.
Volgens TNO wordt die achterstand niet veroorzaakt door één afzonderlijk probleem. Bedrijven lopen tijdens hun groei tegelijkertijd tegen verschillende obstakels aan. Zo is financiering voor grotere investeringsrondes beperkt, is gespecialiseerd technisch personeel schaars en zijn testfaciliteiten en productieruimte niet altijd beschikbaar. Ook netcongestie en complexe regelgeving kunnen verdere groei vertragen.
Van technologie naar bedrijf
Naast deze externe factoren kijkt TNO naar problemen binnen bedrijven. Een succesvolle technologie betekent namelijk nog niet dat een bedrijf deze ook op grote schaal kan produceren en verkopen. Daarvoor zijn onder meer productiecapaciteit, leiderschap, marktontwikkeling en organisatorische kennis nodig. Vooral de overgang van een werkende pilot naar grootschalige productie vormt volgens het onderzoek een belangrijke uitdaging.
De gevolgen van vertraging zijn zichtbaar bij de onderzochte bedrijven. Batterijontwikkelaar LeydenJar liep bijvoorbeeld een jaar vertraging op nadat een benodigde elektriciteitsaansluiting voor een nieuwe fabriek niet werd verleend.
Geen afzonderlijke oplossing
TNO concludeert dat één maatregel daarom onvoldoende is. De onderzoekers pleiten voor een aanpak waarin financiering, talent, infrastructuur, regelgeving en markttoegang gezamenlijk worden bekeken. Zo moet meer groeikapitaal beschikbaar komen voor latere groeifasen en moet de toegang tot testfaciliteiten, productieruimte en energie-infrastructuur verbeteren. Ook eenvoudiger regelgeving en het vaker inzetten van de overheid als eerste klant worden genoemd.
Voor regionale innovatie-ecosystemen betekent dit dat het aantrekken en starten van innovatieve bedrijven slechts één onderdeel is. Volgens TNO bepaalt juist de samenhang tussen verschillende voorwaarden hoe snel deze bedrijven vervolgens kunnen doorgroeien.
Afbeelding: Speed as key success factor for scale-ups
(Bron: TNO, 2026)
